Lila melkzwam (Lactarius lilacinus)

ZijaanzichtGroepjeBovenaanzichtOnderaanzicht
De lila melkzwam is een behoorlijk zeldzame paddenstoel die als ectomycorrhiza-partner groeit bij elzen (1,2), vooral wat oudere bomen (7), meestal op tamelijk vochtige  en voedselrijke plaatsen, bijvoorbeeld aan waterkanten (3,5,9). In het laagland schijnt hij vooral te groeien bij de zwarte els (Alnus glutinosa), in berggebieden bij de witte els (Alnus incana) (9). Jonge exemplaren hebben een prachtige oudrose of lilarose kleur, maar bij veroudering kan de hoed een okerkleurige aanblik krijgen (1,6). De hoed is aanvankelijk bol maar spreidt zich spoedig uit, met een indeuking in het midden. In het hoedcentrum kan een kleine papil aanwezig zijn (1,9). Het oppervlak voelt droog aan en is fluweelachtig of viltig van textuur. Kleurzones of banden zijn vrijwel niet aanwezig. De hoedrand is aanvankelijk regelmatig van vorm maar wordt spoedig gelobd of gegolfd, bovendien kan hij omgekruld zijn. De plaatjes aan de onderzijde hebben een bleke okerkleur maar kunnen later dezelfde kleur krijgen als de hoed (1). Tussen de gewone plaatjes staan kortere exemplaren in (8). De steel van de paddenstoel is okerbruin of oker met bleekrose tinten; hij wordt spoedig hol en is dikwijls krom (1,6). Lila melkzwammen kunnen een diameter van 10 cm en een hoogte van 8 cm krijgen, maar blijven meestal kleiner. Het witachtige, waterige melksap van de paddenstoel krijgt bij het opdrogen een groenachtig grijze tint. Het smaakt scherp (7). Volgens kenners heeft de paddenstoel aanvankelijk een aangename, fruitige geur om bij het drogen een minder prettige lucht te krijgen die aan witlof doet denken (6,14). Volgens anderen lijkt die lucht meer op de geur van de maggiplant en in sommige gevallen op geraniums (9). De paddenstoel komt voor in AziŽ, Europa en Noord Amerika (9). De anatomie van de ectomycorrhiza van de lila melkzwam is onderzocht met het lichtmicroscoop; hyfen van de schimmel dringen daarbij door in opperhuid- en schorscellen van de wortels van de boom (10,11).

Naam

Lactarius lateritioroseus, Lactifluus lilacinus, Lactarius cyathula en Agaricus lilacinus zijn synoniemen van Lactarius lilacinus (1). De genusnaam Lactarius is de aanduiding van een "melkzwam", d.w.z. een paddenstoel met melksap. De soortnaam lilacinus betekent lilakleurig (9).

Eetbaarheid/nut

Lila melkzwammen zijn niet eetbaar (1,8,9). De karakteristieke kleur van de paddenstoel wordt veroorzaakt door het rode pigment lilacinon, waarvan de structuur opgehelderd is (4,13,15).

Waar gevonden

Wij hebben lila melkzwammen in behoorlijk groot aantal gevonden in de oostpunt van het natuurpark De Oeverlanden, onder elzen. Volgens het Duitse blad Tintling kan de paddenstoel in een bepaald jaar talrijk zijn, om de volgende 10 jaar niet meer op zijn standplaats te verschijnen (7). We zullen dat in de gaten houden. De paddenstoel is ook aangetroffen in de Doezumer Mieden (12).

Literatuur

1. Bernoux JY (2013) Lactarius lilacinus. Webdocument op www.champyves.fr.
2. Blaschke M, Helfer W (2003) Pilzwelt der Schwarzerle.  LWF Wissen 42:42-45.
3. Bremer P, Van Zanen CGA, Veerkamp MT (2007) The macrofungi on a former sea floor. Field Mycology 8:45-58.
4. Gill M (2003) Pigments of fungi (Macromycetes). Nat Prod Rep 20:615-639.
5. Kibby G (2010) Agarics and boletes of alder carr. Field Mycology 11:16-22.
6. Lactarius lilacinus (Lasch.) Fr. Webdocument op www.fungipedia.org.
7. Lila Milchling Lactarius lilacinus. Webdocument op tintling.com.
8. Lila Milchling. Webdocument op www.123pilze.de.
9. Lila Milchling. Webdocument op de.wikipedia.org.
10. Pritsch K, Boyle H, Munch JC, Buscot F (1997) Characterization and identification of black alder ectomycorrhizas by PCR/ RFLPanalyses of the rDNA internal transcribed spacer (ITS). New Phytol 137:357-369.
11. Pritsch K, Munch JC, Buscot F (1997) Morphological and anatomical characterisation of black alder Alnus glutinosa (L.) Gaertn. ectomycorrhizas. Mycorrhiza 7:201-216.
12. Raangs K, Somhorst I (2012) Paddenstoelennieuws uit Groningen I. Groningen in vogelvlucht. Coolia 55:49-54.
13. Spiteller P, Arnold N, Spiteller M, Steglich W (2003) Lilacinone, a red aminobenzoquinone pigment from Lactarius lilacinus. J Nat Prod 66:1402-1403.
14. Tanchaud P (2012) Lactarius lilacinus (Lasch.) Fr. Webdocument op www.mycocharentes.fr.
15. Velisek J, Cejpek K (2011) Pigments of higher fungi: a review. Czech J Food Sci 29:87-102.

Terug naar de soortenlijst