Rode zwavelkop (Psilocybe sublateritia)
Rode zwavelkoppen HeemskerkstraatRode zwavelkoppen sportveldRode zwavelkop onderzijde

De rode zwavelkop is een algemeen voorkomende paddenstoel met een steenrode hoed van 2 tot 10 cm diameter. Het hoedcentrum is vaak roodbruin gevlekt en de hoedrand is lichter van kleur. Aan die rand kunnen vlokkige velumresten aanwezig zijn (1,7). De plaatjes aan de onderzijde zijn lichtgeel tot geelbruin en verkleuren bij het ouder- worden grijs- of olijfbruin. De steel is aan de bovenzijde bleekgeel, aan de onderzijde donkerder of roodachtig van kleur en heeft lengtevezels. Op de steel kan een ringzone zichtbaar zijn, een restant van het velum partiale dat bij jonge exemplaren de plaatjes bedekt (6). Rode zwavelkoppen groeien meestal in bundels bijeen op dood hout, vooral stobben en wortels van eiken en beuken (1). Ze kunnen ook op houtsnippers verschijnen (8,9).

Naam

De soortnaam sublateritia betekent "steenrood lijkend", dit heeft betrekking op de opvallende kleur (4). Psilocybe betekent "naakte hoed", dit slaat op het gladde hoedoppervlak. Hypholoma sublateritium en Hypholoma lateritium zijn synoniemen van Psilocybe sublateritia (4,6,8).

Eetbaarheid/nut

In Duitssprekende landen wordt de rode zwavelkop beschouwd als een onaangenaam bittere en zelfs als een giftige paddenstoel (1,9,10). Maar vreemd genoeg staat hij in Noord Amerika ("chestnut mushroom") en Japan ("kuritake") bekend als een eetbare soort, die zelfs voor menselijke consumptie wordt gekweekt (1,5). Mogelijk is het gehalte aan bittere stoffen op andere continenten (veel) lager dan in West Europa. De paddenstoel bevat “clavaric acid”, een triterpeen met anti-tumor eigenschappen. De biosynthese van deze plantenstof is ontrafeld (3) en biotechnologen hebben een methode ontwikkeld om de opbrengst van de verbinding in gekweekt mycelium van de rode zwavelkop te vergroten (2). Volgens een Duits artikel heeft de paddenstoel ook in de volksgeneeskunde een rol gespeeld (5).

Waar gevonden

Wij hebben rode zwavelkoppen aangetroffen aan de westoever van de sloot ten westen van de Heemskerkstraat, in houtsingels tussen de sportvelden, en in tuinen langs het noordelijke stuk van de Boslaan. Steeds op ondergrondse wortel- of stamresten van gerooide bomen of op bovengrondse stobben.

Literatuur

1. Hagenlocher M u.ä. Ziegelroter Schwefelkopf. Webdocument op de.wikipedia.org.
2. Godio RP, Fouces R, Gudiña EJ, Martín JF (2004) Agrobacterium tumefaciens-mediated transformation of the antitumor clavaric acid-producing basidiomycete Hypholoma sublateritium. Curr Gen 46:287-294.
3. Godio RP, Fouces R, Gudiña EJ, Martín JF (2007) A squalene epoxidase is involved in biosynthesis of both the antitumor compound clavaric acid and sterols in the Basidiomycete H. sublateritium. Chemistry & Biology 14:1334-1346.
4. Hypholoma lateritium (Schaeff.) P.Kumm. - Brick Tuft. Webdocument op www.first-nature.com.
5.  Kreisel M (2005)
Liste der ethnomykologisch und biotechnologisch relevanten Pilze. Feddes Rep 116:339-391.
6. Kuo, M. (2003) Hypholoma sublateritium. Webdocument op www.mushroomexpert.com.
7. Parker CS (1933) A taxonomic study of the genus Hypholoma in North America. Mycologia 25:160-212.
8. Thompson TA, Thorn RG, Smith KT (2012) Hypholoma lateritium isolated from coarse woody debris, the forest floor, and mineral soil in a deciduous forest in New Hampshire. Botany 90:457-464.
9. Ziegelroter Schwefelkopf. Webdocument op www.pilz-baden.ch.
10. Ziegelroter Schwefelkopf. Webdocument op tintling.com

Terug naar de soortenlijst