Donzige melkzwam (Lactarius pubescens)
 
ZijaanzichtHoedoppervlakOnderaanzicht
De donzige melkzwam is een tamelijk algemeen voorkomende paddenstoel uit de Russula-familie, die groeit bij berken, in vochtig grasland op kalkrijke grond (6-8). De paddenstoel komt dikwijls voor in door mensen be´nvloede omgevingen, zoals tuinen, parken en wegbermen, maar minder vaak in dichte bossen (4,6). De vruchtlichamen kunnen behoorlijk groot zijn (hoeddiameter 5 tot 15 cm). De hoed is aanvankelijk bol, maar later vlak uitgespreid met een verdiept centrum. Uiteindelijk krijgt hij de vorm van een ondiepe trechter. De kleur van de hoed is gebroken wit tot bleek zalmkleurig. Bij oudere exemplaren kunnen er oranjebruine vlekjes aanwezig zijn (4). De hoedrand blijft lang ingerold en is wollig behaard. Ook de bovenzijde van de hoed is met dons bedekt, maar oudere exemplaren vertonen een neiging tot kaal worden. De steel van de paddenstoel is stevig, witachtig tot bleekroze van kleur, 3 tot 6 cm lang en 1 tot 2,5 cm dik. De steelbasis is dikwijls enigszins versmald (7). De plaatjes aan de onderzijde van de hoed staan dicht opeen en lopen recht op de steel af of een klein beetje langs de steel naar beneden. Ze zijn gebroken wit tot bleekrose of okerkleurig (3,4). Wanneer de paddenstoel wordt beschadigd komt er wit melksap uit dat ofwel niet, of heel langzaam geelachtig verkleurt (4,7). Jonge zaailingen van een berk ontwikkelen gemakkelijk mycorrhiza met de donzige melkzwam als er een oude berkenboom met mycorrhiza in de buurt is. Is zo'n boom er niet, dan kunnen de zaailingen niet of nauwelijks mycorrhiza vormen (5). In de ontwikkeling van ectomycorrhiza door een jonge berk behoort de donzige melkzwam niet tot de allereerste groep van partners (zoals de radijsvaalhoed en de oranjebloesemzwam) maar tot de tweede lichting waartoe ook de duifrussula en diverse gordijnzwammen behoren (10,11). Wanneer berken erg oud worden neemt het aantal donzige melkzwammen bij de boom weer af (12). De donzige melkzwam komt over bijna de hele wereld voor (9).

Naam

De Latijnse soortnaam pubescens betekent "pluizig" of "harig" (1). Lactarius betekent "melk producerend" en verwijst naar het melksap dat bij beschadiging uit de plaatjes komt. De donzige melkzwam kan worden verwisseld met de baardige melkzwam (Lactarius torminosus), die eveneens bij berken voorkomt. Het hoedoppervlak van die soort is echter donkerder van tint en het vertoont duidelijke kleurzones (1,12). Agaricus pubescens, Lactifluus pubescens, Lactarius controversus var pubescens en Lactarius torminosus var pubescens zijn synoniemen van Lactarius pubescens (7). Lactarius albus en Lactarius blumii zijn andere synoniemen (4).

Eetbaarheid/nut

Donzige melkzwammen zijn voor mensen niet eetbaar (6-8). Het melksap en het vlees van de paddenstoel smaken brandend scherp en veroorzaken ingewandsstoornissen (1,8). In Oost Europa wordt de paddenstoel desondanks gegeten, maar alleen na langdurig te zijn voorbewerkt om zijn scherpe smaak en giftige eigenschappen kwijt te raken. De voorbewerking (ensileren) omvat: kort opkoken, afgieten, met zout en suiker mengen en wat karnemelk overgieten, als zuurkool een dag of tien in een pot onder kaasdoek bewaren met een steen erop, op een koele plaats. De giftige bitterstoffen worden op die manier verwijderd. Zulke gefermenteerde en ingekuilde paddenstoelen moeten voor gebruik nog minstens 15 minuten worden gekookt (1). Ons inziens kan men zich de moeite beter besparen. De chemische structuren van bepaalde plantenstoffen in de paddenstoel (sesquiterpenen) zijn vastgesteld (2).

Waar gevonden
 
Wij hebben grote exemplaren van de donzige melkzwam (hoeddiameter 12 tot 15 cm) gevonden in het zuidelijk deel van het Smitpark, in de nabijheid van berken. In hetzelfde jaar (2017) hebben we ook enkele vruchtlichamen aangetroffen in het natuurpark De Oeverlanden, eveneens in de buurt van berken. Bovenstaande foto's werden gemaakt in het Smitpark. Ook in latere jaren hebben we de paddenstoel in het Smitpark aangetroffen, hoewel de vruchtlichamen toen kleiner, jonger, boller van vorm en lichter van kleur waren.

Literatuur

1. Blasser Birkenmilchling. Webdocument op www.123pilze.de.

2. Clericuzio M, Gilardoni G, Malagˇn O, Vidari G, Finzi PV (2008) Sesquiterpenes of Lactarius and Russula (mushrooms): An update. Natural Product Communications 3:951-974.
3. Donzige melkzwam. Webdocument op nl.wikipedia.org.
4. Flaumiger Birken-Milchling. Webdocument op de.wikipedia.org.
5. Fleming LV (1984) Effects of soil trenching and coring on the formation of ectomycorrhizas on birch seedlings grown around mature trees. New Phytol 98:141-153.
6. Lactarius pubescens (Schrad.) Fr. Lactaire pubescent. Webdocument op champyves.pagesperso-orange.fr.
7. Lactarius pubescens (Fr.) Fr. - Bearded Milkcap. Webdocument op www.first-nature.com.
8. Lactarius pubescens Fr. 1838. Webdocument op www.funghiitaliani.it.
9. Lactarius pubescens. Webdocument op en.wikipedia.org.
10. Last FT, Fleming LV (1985) Factors affecting the occurrence of fruitbodies of fungi forming sheathing (ecto-) mycorrhizas with roots of trees. Proc Indian Acad Sci (Plant Sci) 94:111-127.
11. Mason PA, Wilson J, Last FT, Walker C (1983) The concept of succession in relation to the spread of sheathing mycorrhizal fungi on inoculated tree seedlings growing in unsterile soils. Plant and Soil 71:247-256.
12. Twieg BD, Durall DM, Simard SW (2007) Ectomycorrhizal fungal succession in mixed temperate forests. New Phytol 176:437-447.

Terug naar de soortenlijst